Naar Index Gedichten

Naar inhoud

 

Een Zwoele Wind.

 Een zwoele wind omarmt mijn lijf,
Van frisse lucht verstoken,
In diepe rust nu stort ik mij
De ogen reeds geloken.

 Een orkaan beheerst het leven
Waar is waar blijft mijn hoeder
Ik wil schuilen maar waar henen
Kinderen gillen om hun moeder.

 Hagelstormen kruizen mijn pad
Dakpannen suizen in het rond
De hemel is één zwart gat
Durend tot de avondstond.

 Bloed stroomt reeds in de goten
En zie nu toch een wrede strijd.
Geweld laat tanden nu ontbloten;
Dat allemaal in vredestijd.

 De stormvloed wil niet minderen
Het hemels onrecht wil niet staken
Moeders zoeken naar hun kinderen:
Met een kreet zal ik ontwaken.

 Han Janzen 

 

[ WEBMASTER ]
©2006 - 2007
M.J.V.E.