|
120 gram bloem
snufje zout
30 gram suiker
3 eieren
3 dl melk
60 gram boter
Voor de Vulling:
60 gram zachte boter
60 gram suiker
2 sinaasappels
1 citroen
2 eetlepels rode bessengelei
2 eetlepels oranjemarmelade
4 a 5 eetlepels Grand Marnier
4 a 5 eetlepels Cognac

|
Zeef
de bloem met het zout in een kom en voeg de suiker toe. Maak een kuiltje in
het midden. Klop de eieren er een voor een door, dan beetje bij beetje de
melk om een glad beslag te krijgen. Smelt de boter, laten afkoelen en door
het beslag kloppen. Verhit de olie, bak de flensjes aan elke kant goudgeel.
Bak zo ongeveer 8 flensjes tot het beslag op is. Leg ze op een bordje
en dek ze af met aluminiumfolie om ze warm te houden. Roer de boter zacht
met de suiker voeg van de vruchten de geraspte schillen en 4 eetlepels sap
toe, de gelei en de marmelade. Spreid dit mengsel uit over de flensjes
vouw ze in vieren. Verwarm voldoende likeur en cognac om de boden van een
pan te bedekken. Doe er dan zoveel flensjes tegelijk in als mogelijk en
maak ze warm.
Steek de likeur in de pan aan en serveer meteen. Ga zo door tot alle
flensjes zijn verwarmd. Serveer met slagroom. |