Prettige Kerstdagen en een Gelukkig nieuwjaar

Advent in de klas
(Bijlage 14)
17 december - toevoeging
Alternatief kerstverhaal - kerstspel - sketch / bruikbaar in misviering

Verhaal: Prins Irenus

Verteller: In een paleis met op elke hoek een ronde toren, woonde een goede koning.

    Die koning was een wijze sterrenkundige. ledere avond klom hij naar de hoogste toren om naar de sterren te kijken. In een groot boek, dat hij zorgvuldig bewaarde in zijn boekenkamer, stond alles geschreven wat hij uit de sterren kon leren en in de sterren kon lezen.
    Op zekere dag zag hij, midden de vele sterren die hij kende, een nieuwe ster, een heel grote, die hij nog nooit tevoren had gezien. Haastig liep hij de wenteltrap af, naar zijn boekenkamer.

Koning 1: (Buiten adem) Eens vlug in mijn geleerd boek kijken.

    Die ster heeft zeker en vast een betekenis. (Bladert in het boek) Hier heb ik het! (Leest:) "Er zal een ster aan de hemel verschijnen, groter en stralender dan een mens ooit heeft gezien.
    Dat is het teken dat er een koning geboren is, die op aarde een rijk van vrede zal stichten." (Sluit het boek) Als dat zo is, dan ga ik die vorst van de vrede zoeken!

Verteller: Hij zette zijn kroon op, sloeg zijn mantel om en riep zijn hoofdminister.

Koning 1: Hoofdminister, maak vlug mijn rij kamelen klaar en mijn dienaren wakker.

    Zorg voor eten en drinken. Wij gaan op reis. Nu direct.

Hoofdminister: Mag ik weten, mijnheer de koning, waar de reis naartoe gaat?

Koning 1: Dat weet ik niet. Ik volg de ster, maar ik stuur wel een prentkaartje.

Verteller: Omwille van het rumoer was prins Irenus , de zoon van de koning wakker geworden.

    Hij liep naar zijn vader die juist in de grote zaal klaar stond.

Koning 1: Mijnheer de hoofdminister, zorg goed voor mijn kasteel en voor mijn vrouw

    en voor mijn zoon, terwijl ik weg ben. (Geeft de sleutel.)

Prins: Papa koning, mag ik mee? 'k Zal braaf zijn.

Koning 1: Niets van ! Blijf bij mama. En goedje best doen! Ik ga de grote vredevorst zoeken.

    Deze mooie gouden beker geef ik hem.

Verteller: Toen klom de koning op zijn koninklijke kameel en vertrok.

Prins: Ik wil ook naar die pasgeboren vredevorst.

    Gouden bekers heb ik niet maar ik geef hem mijn voetbal, een boek over dieren en planten, en mijn knuffeldier. (Alles in de rugzak.)

Verteller: Prins Irenus sloop stilletjes het kasteel uit en ging de ster achterna.

    Vroeg in de morgen ontmoette hij een jongen die stilletjes stond te schreien.

Prins: Waarom huil je, jongen?

Jongen: Niemand wil met mij spelen. Ik mag nooit meedoen met andere kinderen.

Prins: Dan kan ik je wel helpen ! Kijk ! (Haalt de bal te voorschijn uit zijn rugzak.)

    Hier is een bal. Nu heb je je eigen speelkameraad!

Jongen: Oh, mijnheer de prins. Heel veel dank !

Verteller: Prins Irenus trok verder, nog altijd de ster achterna.

    Het duurde niet lang of hij ontmoette een oude man. Die zat stilletjes op een bank en van tijd tot tijd pinkte hij een traan weg met een grote rode zakdoek met witte bolletjes.

Prins: Wat is er brave man? Zo treurig. (Gaat er naast zitten.)

Man: Och, mijnheer de prins, 'k Ben gepensioneerd.

    Mijn vrouw is al vele jaren gestorven en mijn kinderen zijn getrouwd. Wat wil je, mijnheer de prins: de dagen duren lang.

Prins: Ik geloof dat ik iets heb voor jou, brave man. Kijk eens!

    Een boek over planten en dieren. Gewoon naar de prenten kijken en je ontdekt vele vrienden.

Man: Oh, mijnheer de prins, ik moet je wel bedanken.

Verteller: Prins Irenus trok verder, nog altijd de ster achterna.

    Het duurde niet lang of hij ontmoette twee dames, die bedrukt stonden te praten, over een meisje dat ziek te bed lag. Prins Irenus ging erbij staan om te luisteren.

Prins: Excuseer dat ik er tussen kom, maar is er niemand die iets voor dat meisje doet?

Moeder: De dokter zorgt goed voor mijn dochtertje maar er komt geen enkel vriendinnetje

    of vriendje op bezoek.

Prins: Dat mag niet ! Kijk, ik heb hier mijn knuffeldier, geef haar dat, met mijn groeten.

    Dan is uw dochtertje niet langer meer alleen.

Moeder: Oh mijnheer de prins, 'k moet je wel bedanken. Ze zal heel blij zijn.

Verteller: Toen is prins Irenus verder gegaan, achter de ster aan,

    tot hij aan een stal kwam waarboven de ster was blijven staan. Zijn vader was net aangekomen, met die mooie gouden beker.

Koning 1: Kleine Koning, ziehier mijn cadeau !

Verteller: En op dat ogenblik kwamen nog twee andere koningen aan de stal.

Koning 2: Kleine Koning, ik heb uw ster gezien. Hier is mijn cadeau, een kruik mirre.

Koning 3: Ik heb ook uw ster gezien en hier is mijn cadeau:

    heerlijke wierook voor het geval ge die nodig hebt ...

Verteller: Jozef en Maria waren nog beduusd de cadeautjes aan het bekijken,

    toen prins Irenus aan de stal kwam.

Irenus: Ik had drie cadeautjes meegebracht, maar ik heb ze onderweg weggegeven.

Maria: Dat is niets mijn jongen. Jij hebt je hart gegeven en daar gaat niets boven.

Verteller: En prins Irenus mocht bij zijn vader en de twee andere koningen in de stal komen staan.

 

   

[ TOP ]

 

[WEBMASTER ]
©2002 - 2005 M.J.J.v.E.