hazelnootgebak:
- 4 eiwitten
- 300 gram suiker
- 1 pakje vanille suiker
- hazelnootjes

- 1/8 liter slagroom
- basterdsuiker om room op smaak te
brengen
P.S.:
Deze gebakjes zijn goed in te vriezen
en kunnen later in bevroren of in ontdooide opgegeten worden.
Rumtaart:
- 2 pakken lange vingers
- 2 borrelglaasjes rum
- 1 borrelglaasje jenever / likeur
- 3 eierdooiers
- 150 gram boter
- 200 gram kristalsuiker
- basterdsuiker om room op smaak te brengen
- 1 pakje vanillesuiker
- 1/8 liter room
- 100 gram rozijnen
- 1 pak chocolade vlokken
|
Hazelnootgebak:
Hazelnoten raspen.
4 eiwitten opkloppen. De suiker en
vanillesuiker langzaam aan de opgeklopte eiwitten toevoegen, tot een
stevige massa ontstaat.
Slagroom met basterdsuiker stijf
kloppen. Gebakjes:
Op een bakplaat voorzien van
bakpapier ronde toefjes van de stijfgeklopte eiwit maken (wat grote en
kleinere). Deze in een voorverwarmde over van 150 graden plaatsen. Dit
ongeveer anderhalf uur laten uitdrogen. (Dit schuimgebak is goed als het
van de plaat los komt)
Daarna deze schuimtoefjes door de
slagroom rollen en bolletjes maken van 1 groter en 1 kleiner schuimpje.
Dan de hazelnootsnippers er over heen strooien. Klaar is Kees.
Bereiding
rumtaart:
Een dag van te voren rozijnen laten wellen in water met wat rum.
Rum met jenever of likeur mengen
Eierdooiers met boter, suiker en vanillesuiker goudschuimig opkloppen.
Op het laatst 1/3 deel van rum/jeneverrix toevoegen.
Blijven kloppen totdat er
een stevige crème is ontstaan.
Slagroom met basterdsuiker stijf kloppen.
Taartvorm:
Taartvorm bekleden met bakpapier. Bodem bedekken met in de rum/jenever
ondergedompelde lange vingers. Dan de helft van de crème over gelijkmatig over
de onderlaag van lange vingers verspreiden. Vervolgens een laagje van de
rozijnen aanbrengen. Daarover de volgende laag van de in rum/jenever
ondergedompelde lange vingers aanbrengen. Hierover het restant van de crème
aanbrengen. De slagroom wordt daarboven op aangebracht. De taart wordt versierd
met de chocolade vlokken. |